ViDA voor accountantskantoren: tijdlijn en wat het betekent

Wat betekent ViDA voor jullie kantoor? De tijdlijn van 2025 tot 2035, wat Nederland nog moet besluiten en wat je nu wel en niet regelt.

Wat is ViDA?

ViDA (VAT in the Digital Age) is het Europese wetgevingspakket dat de btw-regels aanpast aan digitale facturatie en rapportage. Het is op 11 maart 2025 definitief aangenomen door de Ecofin-Raad en verplicht per 1 juli 2030 gestructureerde e-facturatie voor grensoverschrijdende B2B-transacties binnen de EU. Voor accountants- en administratiekantoren is dit het dossier dat de komende jaren bepaalt hoe cliënten factureren en hoe btw-gegevens bij de belastingdiensten van de lidstaten terechtkomen. Er is tijd, maar niet onbeperkt: de softwarekeuzes die jullie kantoor nu maakt, bepalen hoe soepel de overgang straks verloopt.

De drie pijlers

ViDA bestaat uit drie onderdelen:

  1. E-facturatie en digitale rapportageverplichtingen (DRR). Gestructureerde e-facturen worden de norm voor grensoverschrijdende B2B-transacties, gecombineerd met near-real-time rapportage van factuurgegevens aan de belastingdienst.
  2. Platformeconomie. Platforms die bijvoorbeeld kortetermijnverhuur of personenvervoer faciliteren, krijgen onder voorwaarden een grotere rol in de btw-afdracht.
  3. Single VAT registration. Ondernemers hoeven zich in minder situaties in meerdere lidstaten voor de btw te registreren.

Voor de dagelijkse kantoorpraktijk weegt de eerste pijler veruit het zwaarst. Die raakt de factuurstromen van elke cliënt met EU-handel, en afhankelijk van een nog te nemen Nederlands besluit mogelijk ook de binnenlandse stromen.

De tijdlijn op een rij

MomentWat er speelt
11 maart 2025ViDA definitief aangenomen door de Ecofin-Raad
Sinds 2025Lidstaten mogen een binnenlandse e-facturatieverplichting invoeren zonder aparte EU-derogatie
1 juli 2030Verplichte gestructureerde e-facturatie én near-real-time digitale rapportage voor grensoverschrijdende B2B-transacties binnen de EU, conform EN 16931
Januari 2035Bestaande nationale realtime-rapportagesystemen moeten geharmoniseerd zijn met het EU-systeem

Twee punten verdienen toelichting. Ten eerste: sinds de inwerkingtreding in 2025 kan elke lidstaat op eigen initiatief een binnenlandse e-facturatieverplichting invoeren. Voorheen was daarvoor een aparte Europese derogatie nodig. Dat verklaart waarom nationale verplichtingen sneller kunnen komen dan de Europese deadline van 2030, en waarom buurlanden verschillende tempo\'s aanhouden.

Ten tweede: de datum van 1 juli 2030 gaat over grensoverschrijdende B2B-transacties binnen de EU. Een factuur van een Nederlandse groothandel aan een Duitse afnemer valt eronder. Een factuur tussen twee Nederlandse bv\'s niet, tenzij Nederland zelf een binnenlandse verplichting invoert.

Wat Nederland nog moet besluiten

Het ministerie van Financiën liet door EY onderzoeken of Nederland, naast de Europese verplichtingen, ook een binnenlandse e-facturatieverplichting zou moeten invoeren. Opvallend aan dat onderzoek: vrijwel alle geraadpleegde partijen geven de voorkeur aan Peppol als infrastructuur. Hoe dat netwerk werkt, lees je in Peppol uitgelegd voor accountants.

De keuze die voorligt, wordt vaak samengevat als ViDA-A tegenover ViDA-B. In het A-scenario implementeert Nederland alleen de Europese verplichtingen. In het B-scenario komt daar een binnenlandse verplichting bij. De verwachting is dat de zomer van 2026 duidelijkheid brengt over die keuze, en dat er in het vierde kwartaal van 2026 een internetconsultatie volgt over het conceptwetsvoorstel. Let wel: dat is de verwachte planning, geen vaststaand feit. Kort gezegd: in het A-scenario raakt de verplichting vooral cliënten met EU-handel, in het B-scenario vrijwel elke B2B-factuur in de portefeuille.

Wat dit betekent voor jullie kantoor

Kantoren zitten in dit dossier in een dubbele rol. Jullie voeren de administraties waarin e-facturen straks binnenkomen en ontstaan, en jullie zijn voor veel cliënten de eerste vraagbaak zodra hierover berichten in de vakpers of van softwareleveranciers verschijnen. Wie de vragen voor wil zijn, heeft een simpel verhaal nodig: wat staat vast, wat is nog open, en wat doen wij daar als kantoor al aan.

Wat vaststaat: gestructureerde e-facturatie komt eraan, in elk geval voor grensoverschrijdende B2B-transacties per 1 juli 2030. Wat open is: of en wanneer Nederland een binnenlandse verplichting invoert, en met welke overgangstermijnen.

Wat je dit en volgend jaar wél doet

1. Inventariseer de portefeuille

Breng in kaart welke cliënten grensoverschrijdende B2B-transacties binnen de EU hebben. De ICP-opgaven die jullie kantoor al indient, zijn daarvoor een bruikbare eerste bron, zie ICP-opgave en btw-aangifte. Deze groep krijgt hoe dan ook met de 2030-verplichting te maken.

2. Toets de software

Vraag je leverancier concreet of het pakket e-facturen conform EN 16931 kan versturen én ontvangen, en via welke infrastructuur. Die norm schrijft voor welke gegevens een e-factuur gestructureerd moet bevatten; een pdf, ook met tekstlaag, telt niet als e-factuur. Een leverancier die hier vaag over doet, is zelf een signaal.

3. Informeer cliënten gedoseerd

Cliënten met EU-handel kun je nu al vertellen dat er per 2030 iets verandert en dat het kantoor dit volgt. Cliënten zonder EU-handel hoef je pas actief te benaderen zodra Nederland een keuze heeft gemaakt. Eén alinea in een nieuwsbrief is op dit moment genoeg.

4. Volg het Nederlandse besluit

Zet de verwachte momenten in de kantooragenda: duidelijkheid over het scenario in de zomer van 2026, en de internetconsultatie die daarna wordt verwacht. Een consultatie is bovendien een kans om als kantoor of via de beroepsorganisatie input te leveren over uitvoerbaarheid.

Wat je nu niet hoeft te doen

Er is geen reden voor haast of voor alarmerende cliëntbrieven. De Europese verplichting ligt op 1 juli 2030, en over een Nederlandse binnenlandse verplichting is nog niets besloten. Massaal migreren naar andere pakketten, cliënten nu al verplicht aan e-facturatie zetten, of adviesuren schrijven op scenario\'s die nog niet vaststaan: het kan allemaal wachten.

Wat niet kan wachten, is de softwarekeuze meewegen. Kantoren die de komende jaren toch al een pakketwissel of uitbreiding overwegen, doen er verstandig aan e-facturatie en EN 16931-ondersteuning als hard criterium mee te nemen. Zo voorkom je dat je in 2029 opnieuw moet kiezen.

Software als stille voorsorteerkeuze

De overgang naar e-facturatie is voor kantoren vooral een verwerkingsvraagstuk: facturen komen straks gestructureerd binnen en moeten zonder handwerk in de administratie landen. Kantoren die inkoopfacturen en e-facturen van cliënten automatisch willen laten verwerken: Giroo Inkoop.

Inhoudelijk gecontroleerd: augustus 2026. De Nederlandse besluitvorming over een binnenlandse verplichting loopt nog; verwachtingen over planning kunnen wijzigen.

Gerelateerde artikelen

Terug naar de kennisbank